De andere dokter in de hoofdrol

Ze dragen geen witte jas, maar ondertussen zorgen ze wél voor een gezond en vitaal werkend Nederland: de bedrijfsarts en de verzekeringsarts. Luister naar verhalen uit de praktijk en lees alles over het vak en de opleiding.

Leefstijl & preventie

We gaan met Linda Battes en Manuela de Klaver in gesprek over leefstijl en preventie. ‘Gelukkig is er binnen de geneeskunde naast medische factoren ook steeds meer aandacht voor andere zaken’

Rondje langs de velden: Groningen

‘Sociale geneeskunde wordt steeds meer verankerd in ons curriculum’

De andere dokter maakt een ‘rondje langs de velden.’ We gaan in gesprek met onderwijscoördinatoren sociale geneeskunde van verschillende medische faculteiten verspreid over het land. In hoeverre besteden zij in hun curriculum al aandacht aan arbeid & gezondheid? En wat zijn de plannen voor de toekomst? Deze keer is het woord aan Jessie Hermans. Zij is samen met Netty Bos-Veneman onderwijscoördinator sociale geneeskunde van het Universitair Medisch Centrum Groningen, faculteit Medische Wetenschappen aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Met onze nieuwe e-learning-modules en het geïntegreerde extramurale coschap verankeren we sociale geneeskunde steeds beter in ons curriculum.’

Jessie: ‘In Groningen is de insteek dat we het onderwijs geïntegreerd aanbieden. We werken samen met andere medische disciplines. Zo leren studenten om vanuit verschillende invalshoeken naar de context van de patiënt, het zorgnetwerk rondom de patiënt en de aanpak van gezondheidsvraagstukken op populatieniveau te kijken. Ook de bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde, als onderdeel van de sociale geneeskunde, krijgt op verschillende manieren aandacht in het Groningse curriculum.’

Bachelor

‘Ieder jaar krijgt een bedrijfsarts de ruimte om colleges te verzorgen. Bijvoorbeeld over thema’s zoals burn-out en arbeidsdermatologie. Ook in de competentieleerlijn healthy ageing komt het werk van bedrijfsartsen en verzekeringsartsen aan bod: artsen Arbeid en Gezondheid doceren samen met revalidatieartsen over de gevolgen van chronische pijn voor werk en participatie van patiënten. De verankering van deze specialisaties in het bachelor curriculum breidt zich steeds verder uit. Voor het komende collegejaar ontwikkelen we bijvoorbeeld een aantal onderwijsactiviteiten in samenwerking met neurologen en psychiaters.’

E-learning modules

‘Bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde komen ook terug in onze nieuwe e-learning Zes stappen van gezondheid. Deze digitale leeromgeving bevat een introductiemodule en zes modules – stappen – over gezondheid. Bijvoorbeeld over de determinanten van gezondheid, de verschillende vormen van preventie en het levensloopperspectief. In iedere stap is ook aandacht voor sociale geneeskunde. Zo vertellen bedrijfsartsen in het lesmateriaal vanuit hun eigen praktijk over hun werk. We gebruiken de e-modules zowel in de bachelor- als in de masteropleiding.’

Master

‘In de master is in alle jaren op verschillende manieren aandacht voor bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde. In het eerste jaar volgen studenten een college over consultvoering, verzorgd door een bedrijfsarts en een jeugdarts. Ze leren aan de hand van praktijkvoorbeelden bijvoorbeeld over school- en ziekteverzuim. In het tweede jaar zijn er binnen de leerlijn Professionele ontwikkeling vier opdrachten over patiëntgerichte zorg, waarvan één over Arbeid & Gezondheid. Studenten onderzoeken hierin samen met de patiënt wat de meest optimale weg door gezondheidszorg is en welke keuzes hierbij horen. Tweedejaars volgen ook het verplichte coschap Sociale geneeskunde van vier weken. In het derde jaar kiezen studenten zelfstandig waar ze een semiarts stage gaan lopen. De keuze valt soms ook op een stage bij de bedrijfs- of verzekeringsarts.’

Geïntegreerd extramuraal coschap

‘Vanaf september 2022 starten we met het geheel nieuwe coschap Sociale geneeskunde. Het is een extramuraal coschap met Huisartsgeneeskunde en Ouderengeneeskunde. Momenteel lopen er pilots waarin coassistenten 12 weken achter elkaar stagelopen. De studenten krijgen in het coschap een completer beeld van het werk in de vakgebieden, de verbindingen ertussen en van het extramurale preventie- en zorgnetwerk. We hebben gezamenlijk een programma voor het terugkomonderwijs ontwikkeld. In iedere onderwijsbijeenkomst komt ook Arbeid & Gezondheid terug, zoals in de speciale module over werk en participatie. In de terugkomdagen leren studenten aan de hand van opdrachten reflecteren op de context van patiënten en cliënten, het preventie- en zorgnetwerk en de continuïteit van zorgen op gezondheidsvraagstukken op community-niveau.’

Stageplaatsen

‘We plaatsen ongeveer 100 coassistenten per jaar bij een bedrijfsgeneeskundige dienst of het UWV. Tijdens de coronacrisis is dat aantal flink gedaald. We hebben in Groningen ruim 400 stageplaatsen sociale geneeskunde nodig. Voor Arbeid & Gezondheid kunnen we wel 200 coassistenten plaatsen. We streven ernaar dit aantal te realiseren, zodat meer studenten kennismaken met het werk van bedrijfs- en verzekeringsartsen. Wij willen organisaties binnen de Arbeid & Gezondheid waar mogelijk ondersteunen om dit aantal stageplaatsen mogelijk te maken.’


Sociale geneeskunde Rijksuniversiteit Groningen in het kort:

  • In de bachelor fase geven bedrijfsartsen een aantal colleges en dragen zij bij aan verplichte leerstof.
  • Alle studenten hebben toegang tot de e-learning Zes stappen van gezondheidinclusief bijdragen van bedrijfsartsen en verzekeringsartsen.
  • Masterstudenten volgen het college ‘consultvoering’ verzorgd door een bedrijfsarts en een jeugdarts en het verplichte coschap sociale geneeskunde van 4 weken.
  • Vanaf september 2022 wordt aan alle coassistenten een extramuraal coschap van 12 weken aangeboden. Hier wordt leren op de werkvloer bij Huisartsgeneeskunde, Oudergeneeskunde en Sociale geneeskunde gecombineerd met gezamenlijk en geïntegreerd onderwijs.
  • Er zijn nog flink wat extra stageplaatsen nodig. Het UMCG kan circa 200 studenten per jaar introduceren met het werk van bedrijfsarts of verzekeringsarts in de praktijk.

Website: Faculteit Medische Wetenschappen Rijksuniversiteit Groningen


Waarom aandacht voor sociale geneeskunde – waar verzekerings- en bedrijfsgeneeskunde onder valt – belangrijk is? Omdat meer dan de helft van alle huidige geneeskundestudenten straks aan het werk gaat buiten de muren van het ziekenhuis. Ondertussen gaat de meeste aandacht binnen het onderwijs van medische faculteiten uit naar ziekenhuisspecialismen. Uit recent onderzoek van De Geneeskundestudent blijkt dat 57% van de geneeskundestudenten vindt dat beroepen uit de publieke gezondheidszorg onvoldoende aantrekkelijk worden gemaakt binnen de opleiding. We maken een rondje langs de medische faculteiten om erachter te komen hoe zij bezig zijn of gaan om specialismen in de extramurale zorg beter voor het voetlicht te brengen bij geneeskundestudenten.


Lees ook:

Rondje langs de velden: VU Amsterdam

‘Meer vraag naar sociale geneeskunde onder studenten’

De andere dokter maakt een ‘rondje langs de velden.’ We gaan in gesprek met onderwijscoördinatoren sociale geneeskunde van verschillende medische faculteiten verspreid over het land. In hoeverre besteden zij in hun curriculum al aandacht aan arbeid & gezondheid? En wat zijn de plannen voor de toekomst? Deze keer is het woord aan Marc Soethout, onderwijscoördinator sociale geneeskunde van VU Amsterdam en voorzitter van de onderwijsgroep IOSG Sociale Geneeskunde. ‘Geneeskundestudenten geven zelf ook aan dat ze meer willen weten over de mogelijkheden binnen sociale geneeskunde.’

Marc Soethout: ‘Sociale geneeskunde is het derde specialisme van Nederland en het is een breed vakgebied met veel mogelijkheden. Dat is interessant, maar het maakt ook dat studenten niet goed weten wat het inhoudt. Ze horen er nu ook steeds meer over in het nieuws, door corona. Dat maakt studenten nieuwsgierig, ze willen er meer van weten. Met het oog op het Raamplan Artsenopleiding, de maatschappelijke ontwikkelingen én het feit dat het overgrote deel van alle geneeskundestudenten straks buiten het ziekenhuis aan het werk gaat, is de tijd meer dan rijp voor extra aandacht in het curriculum én meer co-plekken in de beroepspraktijk.’

Betrokken bij het primaire proces

Op dit moment krijgen alle ruim 350 bachelorstudenten geneeskunde van VU Amsterdam een cursus Leefstijl, gezondheidzorg en bewegingsapparaat aangeboden, vertelt Marc. ‘We besteden hierin uitgebreid aandacht aan arbeid & gezondheid en het beroep van de bedrijfsarts en de verzekeringsarts. In de vorm van colleges en studieopdrachten. En aan het eind van de master volgen alle studenten een verplicht coschap sociale geneeskunde van twee weken. Circa een derde van de studenten kiest hierbij voor de praktijkstage binnen het domein Arbeid en Gezondheid en ongeveer twee derde van de studenten gaat voor het domein Maatschappij + Gezondheid. Het is de kortste periode in Nederland, maar we kunnen hierdoor wel het hele coschap vormgeven bínnen de sociale geneeskundige beroepspraktijk. En dat is lang niet overal het geval.

Bijna elke medische faculteit in Nederland heeft gelukkig wel een coschap sociale geneeskunde, maar met het grote tekort aan co-plekken lukt het niet om alle studenten een praktijkstage aan te bieden binnen de sociale geneeskunde. Ook zijn co’s vaak nog onvoldoende betrokken bij het primaire proces. En dat is wel wenselijk, om studenten een reëel én aantrekkelijk inkijkje te bieden in de wereld van arbeid & gezondheid.’

 Leerboek Volksgezondheid en Gezondheidszorg

‘Ook goed om te benoemen is dat afgelopen jaar een geheel herzien leerboek Volksgezondheid en Gezondheidszorg is verschenen. Met diverse praktijkvelden van de sociale geneeskunde en aparte hoofdstukken over bedrijfsgeneeskunde en verzekeringsgeneeskunde. Ook is uitgebreid aandacht voor het belang van arbocuratieve samenwerking. Het leerboek is voor alle bachelorstudenten bij de VU Amsterdam vaste leerstof en wordt verder door alle geneeskundeopleidingen in Nederland gebruikt.’

Curriculum gaat in transitie

Ondertussen bereidt VU zich voor op een transitie van het curriculum. ‘VU wil het curriculum met name meer extramuraal vormgeven. Dat biedt dus extra kansen en mogelijkheden voor sociale geneeskunde. Ook komt binnen het curriculum extra aandacht voor de integratie van sociale geneeskunde met klinische vakgebieden. Zo is er een pilot met jeugdgezondheidszorg, waarbij we kijken of we de jeugdgezondheidszorg al eerder in de master onder de aandacht kunnen brengen bij studenten. Door tijdens het coschap kindergeneeskunde en verloskunde een stage jeugdgezondheidszorg aan te bieden. Zoiets kan ik me ook heel goed voorstellen voor arbeid & gezondheid. Bijvoorbeeld in combinatie met neurologie of psychiatrie.’  


Sociale geneeskunde bij VU Amsterdam in het kort:

  • De vraag vanuit studenten naar voorlichting & informatie over sociale geneeskunde groeit.
  • Alle bachelor studenten volgen de cursus leefstijl gezondheidzorg en bewegingsapparaat waarin sociale geneeskunde uitgebreid aan de orde komt.
  • Alle masterstudenten volgen een verplicht coschap sociale geneeskunde van twee weken, 1/3e kiest voor de praktijkstage binnen het domein Arbeid en Gezondheid.
  • Coschap krijgt volledig vorm binnen de sociaal geneeskundige beroepspraktijk.
  • Het herziene leerboek Volksgezondheid en Gezondheidszorg met aandacht voor arbeid & gezondheid is voor alle bachelor studenten vaste leerstof.
  • Het curriculum gaat in transitie. Het krijgt met name meer extramuraal vorm, wat extra kansen biedt voor sociale geneeskunde.
  • Knelpunt voor kennismaking met het vak van bedrijfsarts of verzekeringsarts in het algemeen is het beperkte aantal coschapplekken in de geneeskundige beroepspraktijk.

Website: Faculteit der Geneeskunde Vrije Universiteit Amsterdam    


Waarom aandacht voor sociale geneeskunde – waar verzekerings- en bedrijfsgeneeskunde onder valt – belangrijk is? Omdat meer dan de helft van alle huidige geneeskundestudenten straks aan het werk gaat buiten de muren van het ziekenhuis. Ondertussen gaat de meeste aandacht binnen het onderwijs van medische faculteiten uit naar ziekenhuisspecialismen. Uit recent onderzoek van De Geneeskundestudent blijkt dat 57% van de geneeskundestudenten vindt dat beroepen uit de publieke gezondheidszorg onvoldoende aantrekkelijk worden gemaakt binnen de opleiding. We maken een rondje langs de medische faculteiten om erachter te komen hoe zij bezig zijn of gaan om specialismen in de extramurale zorg beter voor het voetlicht te brengen bij geneeskundestudenten.


Lees ook:

Rondje langs de velden: Maastricht

‘We beginnen massa te krijgen’

De andere dokter maakt een ‘rondje langs de velden.’ We gaan in gesprek met onderwijscoördinatoren sociale geneeskunde van verschillende medische faculteiten verspreid over het land. In hoeverre besteden zij in hun curriculum al aandacht aan arbeid & gezondheid? En wat zijn de plannen voor de toekomst? Deze keer is het woord aan Miriam Janssen, onderwijscoördinator sociale geneeskunde van Maastricht University en lid van de onderwijsgroep IOSG Sociale Geneeskunde.

De afgelopen jaren is er bij Maastricht University een mooie basis gelegd voor een vruchtbare toekomst voor de sociale geneeskunde, vertelt onderwijscoördinator Miriam Janssen. ‘Met de benoeming van een hoogleraar Arbeid & Gezondheid heeft het onderwijs op dit terrein een flinke boost gekregen. Ook is er vanuit de faculteit aan de vakgroep Sociale Geneeskunde extra formatie beschikbaar gesteld voor (artsen) maatschappij + gezondheid en arbeid & gezondheid. Op deze manier krijgt de sociale geneeskunde meer massa, waardoor er gebouwd kan worden aan een stevig fundament binnen de faculteit.’

Geïntegreerd coschap voor alle geneeskundestudenten

In de bachelor van de geneeskundeopleiding in Maastricht komt arbeid & gezondheid op dit moment alleen aan bod in een algemeen college over bedrijfsgeneeskunde en verzekeringsgeneeskunde in het tweede jaar, vertelt Miriam. ‘Meer aandacht is er in de master waar alle 360 geneeskundestudenten – 310 Regulier en 50 Arts Klinisch Onderzoeker – een 12-weeks geïntegreerd coschap Huisartsengeneeskunde en Sociale Geneeskunde volgen. Circa een derde tot een kwart van hen loopt daarvoor een 4-weeks werkplekstage in de bedrijfs- of verzekeringsgeneeskunde.’

Vernieuwingen

Momenteel wordt gewerkt aan een nieuwe bachelor en een herziene master. ‘In de nieuwe bachelor krijgt preventie een belangrijke plaats, wat meer ruimte biedt voor sociale geneeskunde. Twee docenten van de vakgroep Sociale Geneeskunde hebben een belangrijke rol in de ontwikkeling van de nieuwe bachelor. In de vernieuwde master komt meer dan nu de nadruk te liggen op de competentie maatschappelijk handelen. Streven is ook om het aantal keuzestages, wetenschapsstages en gezondheidszorgpraktijkstages op het gebied van sociale geneeskunde, onder andere in het werkveld arbeid & gezondheid, aanzienlijk te vergroten.’

Arbeidsgerichte zorg

De herziening van de masteropleiding geneeskunde biedt ook kans voor meer integratie tussen ziekenhuisspecialismen en de sociale- en huisartsengeneeskunde binnen de coschappen. Op het gebied van arbeid & gezondheid kun je bijvoorbeeld denken aan arbeidsgerichte zorg door medisch specialisten, legt Miriam uit. ‘Binnen het Maastricht Universitair Medisch Centrum wordt hiermee al geëxperimenteerd binnen reumatologie, maag-darm-leverziekten, orthopedie, hematologie en oncologie. Met intervisie, van afwisselend een bedrijfs- en verzekeringsarts als expert, wordt kennis gedeeld over arbeid & gezondheid met de professionals in het ziekenhuis. En als de medisch specialist en zijn of haar gespecialiseerd verpleegkundige er niet uitkomen, kan worden doorverwezen naar de Participatiepoli. Deze poli is gericht op complexe problematiek waarbij arbeid een rol speelt. Maar door de toenemende aandacht voor het dagelijks functioneren en het werkende leven van patiënten in de reguliere zorg, blijkt doorverwijzing vaak niet eens nodig. Een mooie ontwikkeling die ook past bij de landelijke ontwikkeling. Waarbij arbeidsparticipatie steeds vaker als behandeluitkomst in medische richtlijnen wordt opgenomen.’

Positief

De integrale benadering en samenwerkingen, maar ook extra praktijkstages en keuzestages binnen het domein, bieden steeds meer gelegenheid voor geneeskundestudenten om kennis te maken met de specialismen binnen arbeid en gezondheid. Maastricht University doet mooie investeringen op het gebied van sociale geneeskunde binnen het curriculum, besluit Miriam. ‘Ik kijk met een positief gevoel naar de toekomst.‘


Sociale geneeskunde bij Maastricht University in het kort:

  • Een derde tot een kwart van alle geneeskundestudenten van Maastricht University loopt coschappen in de bedrijfs- of verzekeringsgeneeskunde.
  • De aandacht voor sociale geneeskunde binnen de faculteit en binnen het curriculum groeit.
  • Afgelopen jaren is extra formatie vrijgemaakt voor sociale geneeskunde, voor (artsen) maatschappij + gezondheid en arbeid & gezondheid.
  • Er is een nieuwe bachelor in voorbereiding; twee docenten van de vakgroep sociale geneeskunde zijn hier nauw bij betrokken.
  • Ook wordt een herziene master voorbereid, met meer nadruk op de competentie maatschappelijk handelen.
  • Streven is om het aantal keuzestages, wetenschapsstages en gezondheidszorgpraktijkstages op het gebied van sociale geneeskundeaanzienlijk te vergroten
  • Er wordt gestreefd naar toenemende integratie van ziekenhuisspecialismen en de sociale- en huisartsengeneeskunde binnen de coschappen. Voorbeelden uit de praktijk: arbeidsgerichte zorg in het ziekenhuis, inclusief een participatiepoli.

Website: Maastricht University – Faculty of Health, Medicine & Life Sciences


Waarom aandacht voor sociale geneeskunde – waar verzekerings- en bedrijfsgeneeskunde onder valt – belangrijk is? Omdat meer dan de helft van alle huidige geneeskundestudenten straks aan het werk gaat buiten de muren van het ziekenhuis. Ondertussen gaat de meeste aandacht binnen het onderwijs van medische faculteiten uit naar ziekenhuisspecialismen. Uit recent onderzoek van De Geneeskundestudent blijkt dat 57% van de geneeskundestudenten vindt dat beroepen uit de publieke gezondheidszorg onvoldoende aantrekkelijk worden gemaakt binnen de opleiding. We maken een rondje langs de medische faculteiten om erachter te komen hoe zij bezig zijn of gaan om specialismen in de extramurale zorg beter voor het voetlicht te brengen bij geneeskundestudenten.


Lees ook:

Rondje langs de velden: Erasmus MC

‘Meer aandacht voor de arts van de toekomst’

De andere dokter maakt een ‘rondje langs de velden.’ We gaan in gesprek met onderwijscoördinatoren sociale geneeskunde van verschillende medische faculteiten verspreid over het land. In hoeverre besteden zij in hun curriculum al aandacht aan arbeid & gezondheid? En wat zijn de plannen voor de toekomst? Deze keer is het woord aan Suzie Otto, wetenschappelijk docent en onderzoeker bij het Erasmus MC in Rotterdam. ‘De arts van de toekomst krijgt steeds meer aandacht.’

Sinds 2018 heeft het Erasmus MC een nieuwe onderwijsvisie ontwikkeld: de Erasmusarts 2030. Met het oog op een snel veranderende maatschappij wil de universiteit meer aandacht voor de arts van de toekomst in het curriculum, vertelt wetenschappelijk docent en onderzoeker Suzie Otto. ‘Studenten leren bijvoorbeeld steeds meer om goed samen te werken en over de grenzen van het eigen vak problemen te analyseren. Ze moeten in staat zijn om professionele verantwoordelijkheid te nemen voor preventie van ziekte op individueel niveau. En patiënten met meerdere gezondheidsproblemen kunnen ondersteunen bij hun participatie in de samenleving. Zo leren onze studenten in het nieuwe onderwijs rekening te houden met onder andere diversiteit in doelgroepen, de sociale- en culturele context van een patiënt en de gezondheidsvaardigheden van mensen. Dat zijn competenties die ook nodig zijn voor een ‘future proof’ arts sociale geneeskunde. De ontwikkeling van de nieuwe visie ‘Erasmusarts 2030’ is nog in volle gang. Masterstudenten krijgen hierdoor ook meer les over sociale geneeskunde.’

Bachelor
‘Binnen de medische faculteit van het Erasmus MC wordt op dit moment vooral in de master aandacht besteed aan sociale geneeskunde. In de bachelor is minder aandacht voor sociale geneeskunde, ook in vergelijking met andere specialisaties. Bachelorstudenten leren wel over sociale geneeskunde in zelfstudieopdrachten en het community projectonderwijs. Zo is een van de studieopdrachten in het tweede jaar gericht op het werk van een bedrijfsarts. In het derde jaar komen thema’s binnen de sociale geneeskunde ook terug in het lesmateriaal. Dit jaar hebben we bijvoorbeeld jeugdgezondheidszorg in colleges behandeld. Daarnaast verzorgen we ieder jaar een hoorcollege, waarin een bedrijfsarts verteld over het vak. Verzekeringsgeneeskunde komt vooral terug als zelfstudie van het gelijknamige hoofdstuk in het leerboek k Volksgezondheid en Gezondheidszorg. En in het community projectonderwijs, waarin jaarlijks 1 à 2 projecten worden aangeleverd vanuit het UWV.’

Master
‘Onze masterstudenten lopen in het tweede jaar de verplichte coschappen sociale geneeskunde. Voorafgaand volgen de studenten het onderwijsblok waarin alle specialisaties van sociale geneeskunde aan bod komen. Tijdens dit onderwijsblok verzorgen onder andere bedrijfs- en verzekeringsartsen e-modules, colleges en verplicht vaardigheidsonderwijs over verzuimbegeleiding, beroepsziekten, verzekeringsgeneeskunde en socialeverzekeringswetgeving. Voor de coronapandemie koos ongeveer een derde van de studenten voor de coschappen Arbeid & Gezondheid, die in totaal drie weken duren. Met de opdracht ‘Patiënt volgen’ krijgen onze studenten al tijdens de klinische coschapfase een inkijkje in de gevolgen van een ziekte voor een werkende patiënt en de schakels van het zorgsysteem die patiënten moeten doorlopen. Ook leren ze in verplicht vaardigheidsonderwijs in het eerste jaar, verzorgd door bedrijfsartsen, persoonlijke en omgevingsfactoren die het verloop van de klinische fase van de opleiding positief of negatief kunnen bepalen voor hen.’


Sociale geneeskunde bij Erasmus MC Rotterdam n in het kort:

  • De competenties van de arts van de toekomst – de Erasmusarts 2030 – worden steeds meer in het curriculum aangeboden. Dit zijn ook competenties die aansluiten bij het profiel van sociale geneeskunde. Bijvoorbeeld samenwerken en discipline-overstijgend problemen analyseren.
  • Op dit moment is er in de bachelor nog weinig aandacht voor sociale geneeskunde, in de master juist meer.
  • Bachelorstudenten leren met name over sociale geneeskunde in zelfstudieopdrachten en speciale colleges verzorgd door artsen uit het veld.
  • Alle masterstudenten lopen verplichte coschappen sociale geneeskunde. Voor de coronapandemie koos circa een derde van de studenten voor de coschappen Arbeid & Gezondheid. Deze coschappen duren drie weken.

Website: Faculteit der Geneeskunde Erasmus MC Rotterdam


Waarom aandacht voor sociale geneeskunde – waar verzekerings- en bedrijfsgeneeskunde onder valt – belangrijk is? Omdat meer dan de helft van alle huidige geneeskundestudenten straks aan het werk gaat buiten de muren van het ziekenhuis. Ondertussen gaat de meeste aandacht binnen het onderwijs van medische faculteiten uit naar ziekenhuisspecialismen. Uit recent onderzoek van De Geneeskundestudent blijkt dat 57% van de geneeskundestudenten vindt dat beroepen uit de publieke gezondheidszorg onvoldoende aantrekkelijk worden gemaakt binnen de opleiding. We maken een rondje langs de medische faculteiten om erachter te komen hoe zij bezig zijn of gaan om specialismen in de extramurale zorg beter voor het voetlicht te brengen bij geneeskundestudenten.


Lees ook:

We stellen aan je voor: Manuela en Linda

Binnenkort verschijnt onze nieuwe podcast: Leefstijl, preventie en de rol van de arts. Te gast deze keer zijn dr. Manuela de Klaver – bedrijfsarts – en dr. Linda Battes – verzekeringsarts. We stellen ze alvast aan je voor en vroegen hen naar het prille begin. Want weinig jonge geneeskundestudenten denken “Verzekeringsarts, dát wil ik later worden”. Hetzelfde geldt voor de bedrijfsarts. Wat waren de ambities van Linda en Manuela tijdens hun geneeskundestudie en hoe zijn ze in het vak terecht gekomen?

Eyeopener

Manuela: ‘Als geneeskundestudent had ik mijn pijlen gericht op de anesthesie, waar ik ook in gepromoveerd ben. Ik ging aan het werk in de kliniek, maar zat daar niet helemaal op mijn plek. Dat had onder meer te maken met de hectiek en de hiërarchie. Ik maakte de overstap naar sociale geneeskunde en kwam via mijn functie als medisch adviseur in aanraking met het beoordelen van belastbaarheid van mensen in de bijstand. Dat was voor mij een eyeopener: hier wil ik meer van weten. Van belastbaarheid en arbeid, en de impact die het heeft op iemands leven.’

Positieve gezondheid

Nu werkt Manuela als bedrijfsarts bij HumanCapitalCare. Positieve gezondheid loopt als een rode draad door haar werk. ‘Gezondheid omvat meer dan de fysieke en mentale aspecten, als bedrijfsarts kijk ik naar dat totaalplaatje. Ik hou me niet alleen bezig het begeleiden van werknemers in hun re-integratieproces, maar vooral ook met de vraag hoe we werknemers kunnen helpen om gezond, gemotiveerd en competent te blijven werken. Dat gun ik namelijk iedereen en vanuit mijn rol kan ik daar veel in betekenen’

Diepgang

Linda had tijdens haar studie de ambitie om cardioloog te worden en is daar ook in gepromoveerd. ‘Eenmaal op de afdeling, ik draaide de poli en werkte op de IC, zag ik veel dezelfde soort klachten. Maar er was weinig tijd om naar de patiënten zelf te kijken. Dat vond ik jammer, ik wilde meer weten van de persoon die voor me zat. Ik nam contact op met een verzekeringsarts die ik nog kende uit een coschap en ben bij UWV langsgegaan; daar vond ik de diepgang die ik miste.’

Invloed van stress

Inmiddels werkt Linda als verzekeringsarts bij UWV. Ook schreef ze een boek over stress en leefstijl en is ze nieuwsgierig naar de uiteenlopende leefwerelden van haar cliënten. ‘Gelukkig is er binnen de geneeskunde naast medische factoren ook steeds meer aandacht voor andere zaken. Zoals stress en hoe dat de fysieke en mentale gezondheid beïnvloedt. Met die kennis, bovenop je medische kennis en ervaring, kun je als arts in het domein arbeid en gezondheid mensen extra goed helpen.’

De andere dokter in LAD

“Arbeid en gezondheid: startpunt voor een mooie dokterscarrière”, zo kopt het artikel het LAD magazine over De andere dokter. In een interview met Gertjan Beens, voorzitter NVAB, en Kevin De Decker, vice-voorzitter NVVG, zet het LAD uiteen wat het specialisme ‘Arbeid en gezondheid’ te bieden heeft.

Bedrijfsartsen kijken volgens Gertjan Beens niet alleen naar de klachten waardoor iemand is uitgevallen, maar ook naar andere factoren. ‘Als het ergens wringt, kan het nodig zijn achterliggende problemen te bespreken. Het is mooi als nieuw inzicht soms leidt tot het zelf zetten van nieuwe stappen. Als je als dokter effect van je werk wilt zien, ben je als bedrijfsarts op de juiste plek. Je komt in aanraking met alle facetten van iemands leven. Zelf kwam ik direct na mijn studie tijdens militaire dienst met dit boeiende vak in aanraking. Zo was ik al vroeg overtuigd van een carrière als bedrijfsarts.’

Verzekeringsarts Kevin De Decker: “Bij  UWV spreek ik mensen met de meest interessante en complexe levensverhalen. Mijn analyse en beoordeling is van doorslaggevende betekenis voor iemands toekomst. Het is een generalistisch vak met zowel medische, sociale als juridische kanten, die allemaal van belang zijn voor een compleet beeld van het gezondheidsperspectief van mensen.’

Lees het hele artikel van LAD: Arbeid en gezondheid: startpunt voor een mooie dokterscarrière (PDF, LAD Magazine, juli 2021)

 

De andere dokter in Medisch Contact

De arts die ervoor zorgt dat onze maatschappij blijft werken

Medisch Contact, 10 september 2020

Meer dan ooit zien we hoe belangrijk een gezond en vitaal werkend Nederland is. Bedrijfsartsen en verzekeringsartsen dragen hier, ieder op hun eigen manier, dagelijks aan bij. Ze zorgen er  letterlijk en figuurlijk voor dat onze maatschappij blijft werken. Toch weten jonge geneeskundestudenten vaak maar weinig van deze specialismen. Dat is zonde, vinden bedrijfsartsen, verzekeringsartsen en artsen in opleiding binnen het domein arbeid en gezondheid. ‘Het is een werkveld waarin je heel veel kunt betekenen. Voor individuele mensen, maar ook voor bedrijven en voor de maatschappij.‘

Lees het hele artikel in Medisch Contact: De arts die ervoor zorgt dat onze maatschappij blijft werken

 

Achter de schermen…

Achter de schermen bereiden we weer een paar mooie podcasts voor. Zo gaan we in gesprek met Jeffrey Schaap, aios bedrijfsgeneeskunde bij Zorg van de Zaak, die met schroom bekent dat hij eerst hard moest lachen toen iemand hem adviseerde om bedrijfsgeneeskunde als nieuwe vakrichting te verkennen.

En we spreken Jean-Michel Sijyeniyo, werkzaam als anios verzekeringsgeneeskunde bij UWV. Binnenkort start hij met zijn opleiding tot verzekeringsarts. Een van zijn grootste drijfveren? Taboes doorbreken.

Beide artsen delen hun ervaringen, van geneeskundestudent tot de arts (in opleiding) die ze nu zijn. Binnenkort meer!

De andere dokter is een initiatief van NVVG, NVAB, OVAL, Kwaliteit op Maat, UWV, NSPOH, SGBO, IOSG en DeGeneeskundestudent. Mede mogelijk gemaakt door het ministerie van SZW.

5 vragen over de opleiding

Wil je je als student geneeskunde straks specialiseren als verzekeringsarts of bedrijfsarts? Dan wil je natuurlijk eerst weten hoe het precies zit met de opleiding. We hebben de 5 meestgestelde vragen voor jou op een rij gezet:

#1 Waar kan ik de opleiding tot verzekeringsarts of bedrijfsarts volgen?

De opleiding tot bedrijfsarts en verzekeringsarts kun je volgen bij NSPOH in Utrecht en SGBO Radboudumc in Nijmegen.

#2 Hoe lang duurt de opleiding tot verzekeringsarts en bedrijfsarts?

De opleiding duurt 4 jaar als je fulltime werkt. Je volgt dan 1 dag per week onderwijs en werkt 4 dagen per week in de praktijk. Je kan de opleiding ook goed parttime volgen. Je moet wel minimaal voor 50% werkzaam zijn. De opleiding wordt dan evenredig verlengd.

#3 Hoe kom ik aan een opleidingsplek?

Je moet eerst een baan hebben bij bijvoorbeeld UWV, arbodienst of een maatschap. In overleg met je werkgever bepaal je of je in aanmerking komt voor een opleidingsplek. Aanbevolen wordt om eerst ongeveer 12 maanden als anios aan het werk te zijn.

#4 Wat zijn de opleidingskosten voor mij als arts?

In deze sector is het gebruikelijk dat de werkgever zowel de opleidingskosten als de opleidingstijd betaalt.

#5 Waar kan ik na de opleiding aan de slag?

De meeste verzekeringsartsen zijn te vinden bij UWV. Maar je kan ook werkzaam zijn in de private sector; bij een particuliere verzekeringsmaatschappij of aan de slag gaan als zelfstandig ondernemer.

Bedrijfsartsen werken vaak voor een interne of externe arbodienst. Maar ze kunnen zich ook zelfstandig vestigen of met meer artsen in een maatschap samenwerken. Ze adviseren werkgevers en werknemers in alle denkbare branches.

Meer info over de opleiding